Wettedadal 21


* Konijnen hebben twee soorten keutels: donkere die ze zelf opnieuw opeten wegens de aanwezigheid van mineralen. De tweede laag zijn lichter bruin en die laten ze liggen.

* Een mestkever graaft diepe gangen met daarbij zijgangen waar een eitje wordt in gelegd. Ze stoppen er een konijnen keutel bij als voedsel voor het uitkomende larfje.

Eikes voor ons maar lekker voor het kleine larfje.

* “Met de natuur als gids is het onmogelijk te verdwalen”. Cicero

* De Wilde Liguster heeft witte bloemen en zwarte bessen. Opgelet ze zijn giftig.

* Rietgras heeft een tongetje en geen knik in het blad.

 Het riet heeft wel een knik in het blad en haren in de oksel.

* Op een hectare weiland, dat is 10.000 vierkante meter, of een vlakte van 100m op 100m vind je ongeveer 600 kg regenwormen: dat is 60 gram per vierkante meter.

Daarom zitten er daar ook zoveel mollen he.

* Het wilgenroosje is niet vertakt.

Het harig wilgenroosje daarentegen is wel vertakt.

* Het imkeren van de bijen is ontstaan door de kloosters. De monniken deden dat om honing te winnen maar ook om de was te gebruiken voor kaarsen.

Klassieker: Wat was was voor het was was?

De opbrengst van fruit, bvb appelen en peren, groeit door de aanwezigheid van bijen: ze bestuiven de bloemen en bevruchten ze. Hoe meer bijen, hoe meer bevruchting, hoe meer fruit…

De bij is dus onmisbaar voor de mens maar zou de bij haar rol kennen in het geheel van biodiversiteit? Kennen wij onze rol wel goed?

De fruitkwekers huren imkers in: ze plaatsen hun kasten tussen de fruitbomen om ze te laten bevruchten. Ook in de serres gebruikt men bijen en soms andere insekten om de bevruchting te bespoedigen. Men gebruikt nu hommels: die vliegen rustiger. Er zijn firma’s die er in gespecialiseerd zijn om allerlei soorten insecten te kweken om ze daarna te kunnen gebruiken bij de fruittelers.

Hoe meer nectar en stuifmeel de bijen vinden in het veld hoe meer nakomelingen ze zullen krijgen.

Als er geen imkers zouden zijn dan zouden de bijen wel eens kunnen uitsterven.

Elke soort solitaire bij heeft meestal dezelfde waardplant.

De bijen hebben aan hun achterpoten een soort korfje om het stuifmeel mee te brengen voor het nieuwe broed.

Nectar zijn koolhydraten. Stuifmeel zijn eiwitten.

Bijenzwermen ontstaan omdat de nieuwe koninginnen uitvliegen omdat de korf te klein is of omdat de moer te oud is.

Ze worden gevolgd door een zwerm darren en werksters. Men noemt dat de bruidsvlucht.

Nieuwe koninginnen worden gevormd door bestaande larfjes koninginnebrij te geven.

Van ei tot bij: duur: 16 dagen voor een koningin

                               21 dagen voor een werkster en

                               24 dagen voor een dar

Jonge koninginnen roepen: “ze tuten en kwaken”.

De oudere antwoorden dan.

Van communicatie gesproken.

Soms vertrekt een oude koningin om ergens te sterven en dan wordt de korf overgenomen door een jonge koningin.

Bijen verspreiden een zelfde feromonengeur voor hun kast. Een andere kast zal een andere geur hebben en bijen van een andere kast worden dus niet toegelaten of zelfs gedood.

Daarom ruiken ze ook aan mekaar als ze mekaar tegenkomen. Ook mieren doen dat.

Ze vliegen maximum 5 km van de kast. Hoe dichter ze de bloemetjes vinden hoe minder energie ze zelf verbruiken.

Sommige nectar is giftig voor de bijen en andere voor de mensen. Soms voor beiden: bijvoorbeeld giftige honing van rododendron.

De darren die de koningin bevrucht hebben tijdens de bruidsvlucht penetreren de koningin en verliezen daarna hun geslachtsdeel: ze ontploffen in zekere zin en sterven onmiddellijk.

Nog al wel dat het niet bij onze mannen gebeurt he.

De koninginnen hebben een orgaantje dat het sperma van de darren verzamelt en dat ze gans haar leven bijhoudt om eitjes te bevruchten. Op een dag kan ze 2000 eitjes leggen en bevruchten. In de winter zitten er ongeveer 30.000 bijen in de kast en in volle zomer ongeveer 60 à 70.000. De darren komen voort uit onbevruchte eitjes. De larfjes van de werksters kunnen tot koningin uitgroeien in een omgekeerd dopje in de kast dat daar geplaatst wordt door de imker.

Nadenkertje: laat je kennis je nieuwsgierigheid niet in de weg staan:  blijf vragen stellen!