
Melganzenvoet (Chenopodium album)
Familie: Amarantenfamilie (ook spinazie, quinoa, snijbiet, rode biet horen hierin thuis)
Het is een pioniersplant die vochtige stikstofrijke akkers of bermen snel kan veroveren. De plant kan best groot worden, tot wel 1 m hoog.
De bloemen zitten in een kluwen, zijn groenachtig en onopvallend. Het is dan ook een windbestuiver. De bloei is van juni tot september.

De bladeren onderaan zijn ruitvormig tot eirond en bochtig getand Bovenaan zijn ze eerder lancet of spiesvormig.
Naamgeving :
Melganzenvoet
Mel =
1) De onderkant van de bladeren en de jonge knoppen lijken bedekt met een laagje wit meel . In feite zijn het microscopisch kleine, witte zoutblaasjes.
2) In de prehistorie werden de zaden vermalen tot een soort meel of pap . De man van Tulund , een veenlijk uit Denemarken van meer dan 2300 jaar oud , had dit gegeten voor hij stierf.
Ganzenvoet =
De grote bladeren hebben een ruitachtige, ingesneden vorm met drie lobben die doet denken aan de pootafdruk van een gans .
Chenopodium album
Cheno = latijn voor gans
Podium = latijn voor voet
Album = latijn voor wit
Melganzenvoet is eetbaar en smaakt naar spinazie. Het bevat veel caroteen.
Het blad bevat veel oxaalzuur, en daarom eet je het best toch met mate.
Van het meel van de zaden kan zelfs brood gebakken worden. De zaden bevatten caroteen, calcium, fosfor en kalium. In het leger van Napoleon maakte men daar gebruik van door het te mengen in het brood van de soldaten.
Je kan de plant gebruiken als kruid, in stamppot, soep of als thee. En het zou ook helpen tegen winderigheid.
Melganzenvoet trekt ongedierte zoals bladmineerders aan. Ecologische tuinders laten de plant wel eens staan juist om ongedierte aan te trekken, waardoor aanliggende gewassen met rust gelaten worden.
https://velt.nu/nieuws/de-tuin-en-op-jouw-bord-melganzenvoet
https://www.floravannederland.nl/planten/melganzenvoet
